Beschouwing door Peter Hammarstedt, Chief Campaigns Officer van Sea Shepherd Global.
Commentary
Zal het High Sea Treaty de oceaan daadwerkelijk beschermen?
donderdag, 15 Jan, 2026
Op 17 januari treedt een nieuw wereldwijd verdrag in werking dat landen eindelijk in staat stelt mariene beschermde gebieden in te stellen op volle zee — de delen van de oceaan die buiten de controle van één enkele natie vallen.
Formeel bekend als de Overeenkomst onder het Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee betreffende het behoud en duurzaam gebruik van mariene biologische diversiteit van gebieden buiten de nationale rechtsmacht, en doorgaans aangeduid als het High Seas Treaty (Verdrag inzake de volle zee), creëert dit verdrag een lang ontbrekend juridisch kader om deze wateren te beschermen, die samen ongeveer 64% van de wereldoceaan beslaan.
Dit is van groot belang, omdat de internationale gemeenschap zich heeft gecommitteerd om tegen 2030 30% van de wereldoceaan te beschermen als mariene beschermde gebieden (MPA’s). Vandaag de dag heeft echter minder dan 8% enige vorm van bescherming, en minder dan 3% is volledig beschermd — wat betekent: geen industriële visserij — met nog minder dan vijf jaar om de 30x30-doelstelling te halen.
Sea Shepherd Global viert deze enorme mijlpaal, omdat het tot nu toe in feite onmogelijk was om mariene beschermde gebieden in te stellen over de uitgestrekte volle zee, die ongeveer twee derde van de oceaan beslaat.
Antarctica vormt het enige echte precedent voor de bescherming van de volle zee en laat zowel zien wat mogelijk is als wat er mis kan gaan. Onder het Antarctisch Verdragssysteem en het Verdrag inzake het behoud van de Antarctische mariene levende rijkdommen (CCAMLR) zijn landen in staat geweest mariene beschermde gebieden in Antarctische wateren in te stellen, maar alleen op basis van unanimiteit onder de lidstaten.
Die juridische bevoegdheid leidde in 2016 tot de oprichting van het mariene beschermde gebied in de Rosszee-regio — het grootste MPA ter wereld — maar heeft ook de inspanningen om het Antarctisch Schiereiland te beschermen tot stilstand gebracht. Bezwaren van slechts twee van de zevenentwintig CCAMLR-lidstaten, de Volksrepubliek China en de Russische Federatie, blokkeren al jaren verdere vooruitgang.
Het Sea Shepherd-schip Allankay zal binnenkort naar Antarctica vertrekken om de aandacht te vestigen op de destructieve — maar nog steeds legale — krillvisserij die actief is in het voorgestelde beschermde gebied rond het Antarctisch Schiereiland.
Regionale visserijorganisaties — groepen landen die specifieke visserijen beheren, zoals tonijn — hebben al lange tijd de bevoegdheid om bepaalde gebieden voor visserij te sluiten. Deze sluitingen zijn echter niet hetzelfde als het instellen van volwaardige mariene beschermde gebieden, en de handhaving is afhankelijk van vlaggenstaten: de landen waar schepen geregistreerd zijn, die vaak een vetorecht behouden over beschermingsmaatregelen.
Het falen van dit systeem is duidelijk.
Toen Sea Shepherd in 2021 de Pacifische inktvisvloot volgde, documenteerden we 29 schepen — waarvan 24 eerder veroordeeld waren voor illegale visserij, beschuldigd werden van arbeidsmisstanden, of “donker” opereerden met hun volgsystemen uitgeschakeld. Desondanks werd geen enkel schip op de zwarte lijst van de regionale visserijorganisatie voor de Zuidelijke Stille Oceaan geplaatst, en ook vandaag staan ze daar niet op. Herhaalde pogingen om deze schepen op de lijst te zetten zijn geblokkeerd door bezwaren van de Volksrepubliek China.
Een van de belangrijkste kenmerken van het verdrag is het besluitvormingsproces. Hoewel men zal streven naar besluitvorming op basis van consensus, maakt de overeenkomst het mogelijk om besluiten te nemen via gekwalificeerde meerderheid van stemmen. Daarmee wordt het patroon doorbroken waarbij één of twee landen bescherming voor iedereen kunnen blokkeren.
Voor Sea Shepherd biedt dit reële hoop op sterke beschermingsmaatregelen, maar handhaving blijft een groot aandachtspunt. Er bestaat geen marine van de Verenigde Naties en geen internationale oceaanpolitie om deze regels af te dwingen. In de praktijk zal de verantwoordelijkheid grotendeels blijven liggen bij vlaggenstaten, die juridisch en logistiek de enige autoriteiten zijn die in staat zijn om de meeste regels te handhaven op hun schepen die op volle zee varen.
Waar overheden tekortschieten, moet het maatschappelijk middenveld helpen het gat te vullen — van bedrijven die technologie voor scheepsmonitoring leveren tot NGO’s zoals Sea Shepherd die direct ingrijpen om de wet te handhaven. Illegale, ongemelde en ongereguleerde (IOO/IUU) visserij blijft een groot probleem, zelfs in nationale wateren met gevestigde controlesystemen.
In het afgelopen decennium heeft Sea Shepherd samengewerkt met partnerregeringen in Afrika om te helpen bij de arrestatie van 101 schepen die zich bezighielden met illegale visserij. Op volle zee zal de uitdaging om politieke wil en financiering voor handhaving veilig te stellen nog groter zijn. Toch doet dit niets af aan het belang van het High Seas Treaty. Voor het eerst bestaat er een wereldwijd juridisch kader om echte, volledig gesloten mariene reservaten in te stellen buiten nationale grenzen.
De grootste uitdaging zal zijn om ervoor te zorgen dat deze reservaten de oceaan daadwerkelijk beschermen, en niet verworden tot papieren parken die alleen op naam bestaan.